Interview Jan de Vos uit 1967

In het voetbalkrantje van Semper Altius (van 12 april 1967) lezen we een interview met trainer Jan de Vos, die na vier jaar afscheid nam van de Rijswijkse club. Altijd leuk om dit interview hier op onze website nog eens terug te lezen want de oud ADO-speler werd namelijk in Frankrijk één van de eerste Nederlandse prof!

Jan de Vos, geboren op 18 februari 1922 te Breda.

Wilt u in het kort iets vertellen over uw voetbalcarrière?

Op 8-jarige leeftijd begon ik met voetballen bij de Bredase voetbalclub ADVENDO en na een jaar ging ik over naar NAC. Door verhuizing naar Den Haag werd ik in mei 1938 lid van ADO. In het eerste jaar bij ADO speelde ik in het eerste adsprirantenelftal (spelers t/m 18 jaar), dat ongeslagen kampioen werd. Vanaf seizoen 1939-1940 t/m 1942-1943 speelde ik in het tweede elftal van ADO met om de drie weken een reservebeurt in het eerste elftal. Mijn eerste aanschrijving bij de senioren was reserve bij de wedstrijd DWS 1 – ADO 1.
Het landskampioenschap in 1942 met ADO 1 was in 1942 wel het hoogtepunt in mijn voetbalcarrière. Bijna alle wedstrijden om dit kampioenschap heb ik als invaller meegemaakt.
Door deportatie in de Tweede Wereldoorlog kwam ik in Duitsland terecht, waar ik eerst in een klein clubje in Friedichshafen gespeeld heb en daarna nog een half jaar in een grote vereniging in Chemnitz (Wisnut).

In Duitsland ben ik in contact gekomen met een speler van “Racing” uit Parijs, die mij vroeg om na de oorlog bij AS Monaco te komen spelen. Hij was daar inmiddels als trainer aangesteld. Tot 1950 heb ik bij AS Monaco gespeeld en daar kennis gemaakt met de professionele kant van het voetballen.
Na mijn terugkeer in Nederland was ik tot 1953 vaste keus in het eerste elftal van ADO, daarna heb ik afwisselend in de KNVB-elftallen van ADO gespeeld. Een kennismaking met bestuursleden van de voetbalvereniging Maasdijk hebben mij doen besluiten mijn voetballoopbaan te beëindigen en trainer te worden.

Wat acht u de ideale situatie wat betreft trainingen?

De ideale training zou er bij mij als volgt uitzien: op dinsdag conditietraining, uitlopende van een uur in het begin van de competitie tot anderhalf uur op de helft van de competitie. Op woensdag individuele training, dat wil zeggen persoonlijke fouten verbeteren. Op donderdag een technische- en tactische training met tot slot een wedstrijdbespreking.
Voelt u zich niet ver verheven boven ons als u het eerste elftal van Semper Altius (spelend in de 1e Klasse van de HVB) ziet voetballen? Bekijkt u ons niet met medelijden?
Deze vraag kan ik op 2 manieren beantwoorden. Gezien vanaf de hoogste klasse van de KNVB moet ik zeggen dat de meeste wedstrijden van Semper Altius slecht zijn, maar dit zou niet reëel zijn om dit zo te bekijken. Semper Altius speelt in de Haagse afdeling en van hieruit kan ik beoordelen. Wij spelen in deze klasse redelijk voetbal met uitschieters zowel naar boven als naar beneden. Medelijden heb ik niet.

Ik geloof niet dat ik u een geheim vertel als ik u zeg dat ik kwaad langs de lijn sta te kijken als de mooiste kansen worden verprutst of als iemand zich niet voor 100% voor zijn vereniging inzet. Voor een groot gedeelte is dit eigenbelang omdat bij de meeste bestuursleden de kwaliteit van de trainer afhangt van de resultaten van het standaard-elftal.
Koestert u hogere ambities wat betreft uw trainersloopbaan?
Ik heb in het geheel geen hogere ambities voor wat betreft mijn trainersloopbaan. Er zijn meer dan voldoende verenigingen t/m de 2e Klasse KNVB in de Haagse regio waar ik mijn krachten aan zou kunnen geven.

Wat zou u willen veranderen bij Semper Altius?

Zoals u weet zijn mijn laatste dagen van een vierjarig contract bij Semper Altius aangebroken. Het heeft dus geen zin om nog veranderingen, die ik zou willen, hier neer te schrijven. Er zijn echter twee belangrijke zaken die ik graag onder de loupe zou willen nemen. Ten eerste hoop ik dat Semper Altius snel de beschikking krijgt over een trainingsveld waarop, bij wat voor weersomstandigheden, iedere training doorgang zou kunnen vinden.
Ten tweede laat de ontvangst van het bestuur van de bezoekende vereniging en scheidsrechter soms te wensen over, dit moet beter opgepakt worden.

Tot slot zou ik nog willen zeggen dat ik met zeer veel plezier mijn werk bij Semper Altius heb gedaan. Dit kon slechts dankzij de bijzondere fijne samenwerking met de spelers, die geduren de jaren de trainingen hebben gevolgd. Ik hoop dan ook dat mijn opvolger (Nico Brand) dezelfde medewerking van spelers en bestuur zou krijgen en wens u veel succes in de toekomst.

Jan de Vos zelf werd in het seizoen 1967-1968 de eerste betaalde trainer bij OSC.