Het verlangen naar plassen op het veld

Natuurlijk was vroeger alles beter. Want toen bestonden al die clubs nog die nu in een fusievereniging verborgen zitten of helemaal zijn verdwenen.
Welke namen borrelen bij mij persoonlijk? Duinoord, want daar had ik buitengym in de brugklas, OSC, ook in de buurt, HDV, daar speelde mijn stiefvader, WIK ernaast, Triomph aan de overkant, RAVA, VVP, ook in het Zuiderpark. Archipel, Ornas, en NLS, natuurlijk, tweede winnaar van de HC Cup.
Tamuvona, hoe kom ik daar nou bij? Wit Blauw RK, VIOS, BTC, Texas, PDK, NSEM, GDCPH, en niet te vergeten de verenigingen, waar ik zelf speelde: BBW, SV International, Tonegido en LENS.
Mijn eerste club bestaat nog wel, VUC, en die zit ook héél diep in mijn hart. Ik help zo veel als ik kan om aan Het Kleine Loo het hoofd boven water te houden. Maar daar hebben we het later nog weleens over. Paraat, nog zo’n legendarische naam, was een van de twee clubs in de eerste wedstrijd die ik voor de Haagsche Courant mocht verslaan. Het moet april 1976 zijn geweest, 41 jaar geleden, jezus. De naam van de andere ploeg ben ik vergeten, dat is de ouderdom. De uitslag weet ik nog wel: 2-2.

Vroeger was alles beter, het lijkt ouwelullenpraat. Want je hebt kunstgras. Je kunt er over zeggen wat je wilt, maar er kan wel altijd gevoetbald worden. Wij moesten door weer en wind naar de sigarenboer rijden om naar de afkeuringlijsten in de etalage te kijken. Was het vakje bij jouw wedstrijd doorgeprikt? Bellen naar de kantine om te vragen of het doorging, was ten strengste verboden. Ze hadden daar wel andere dingen te doen.
Maar het had wel wat. En soms was het met hondenweer toch helemaal niet erg dat het hele programma bij de amateurs werd geschrapt? Lekker binnen blijven met z’n allen.

Ik verlangde laatst nog naar de tijd van plassen op het veld. Ik floot een wedstrijdje in de F-klasse – tegenwoordig officieel de JO9; ik krijg het nog steeds maar moeilijk uit de bek – , maar het stortregende en er was onweer. We hebben 20 minuten zitten schuilen op de tribune en ik had medelijden met die bibberende en doorweekte gastjes. Het veld, uiteraard met kunstgras, was ook na de hoosbui nog prima te bespelen, dus móesten we wel voetballen. Leuk? Nee!

Was vroeger écht alles beter? Nu heb je de uitslagen en de stand uit de poule van jouw elftal of dat van je zoon meteen op je telefoon, hoe laag het niveau ook is. Wij moesten wachten, op de maandagochtendkrant of, in geval van de jeugd, op het blad van de HVB, Voetbal West. Volgens mij kwam dat op woensdag, of misschien was het zelfs donderdag.
Maar was dat zo erg? Het was, vooral als je meedeed om het kampioenschap, best spannend allemaal. Ik weet nog dat voetbalfanaten als Dick Jol en Mario van der Ende regelmatig zondagavond laat ongeduldig bij Déja Vu in Mariahoeve, de bar van Groen Wit’58-middenvelder Theo Vuijk, zaten te wachten. Dan kwam ik van de krant met de uitslagenlijst van Wim Schild sr. De papieren werden dan uit mijn handen gegrist en hoefden ze niet te wachten totdat ze volgende ochtend de resultaten in de krant konden lezen.

Nee, gekheid, natuurlijk was vroeger niet álles beter. Maar ik vond de periode waarin het Haagse amateurvoetbal bloeide, wel veel prettiger en inniger. Ik ben zo blij dat Rob Pronk met deze website, zijn verzamelwoede en het jaarlijkse historisch toernooi de oude tijden laat herleven. Daarom heb ik ook spontaan aangeboden om af en toe op deze plek een columnpje te schrijven.

Tot de volgende keer!

Hans Klippus
Algemeen Dagblad