Regelmatig kom ik Haagse voetbalfoto’s uit het begin van de jaren zeventig van de vorige eeuw tegen – het betreft veelal plaatjes met stropdas dragende – oudere – begeleiders strak in het pak dus die met hun kostuum eigenlijk niet pasten bij de robuuste voetballers met lang haar, baarden, snorren, bakkebaarden zo groot als scheendekkers, dijbenen met een omvang waarop menig gewichtheffer jaloers was en een borstomvang waarop menig hoge bal eenvoudig moet zijn doodgelegd – een veelheid aan Jacobse en van Es klonen op een rijtje derhalve – een soort van Noormannen en Vikingen maar dan zonder helm. Ach in die periode hadden vrijwel alle Haagse voetballers het uiterlijk van een gespierde provo. Niks mis mee.

Tegenwoordig speel ik drie keer per week een versnelde vorm van walking football met een veelheid aan kalende mannen die met weemoed terugblikken op de tijd dat zij tijdens een wedstrijd of training hun nogal weelderige haardos met een haarband of zweetband zodanig wensten in te binden opdat zij het overzicht niet kwijt konden raken. Natuurlijk in onze iconische voetbalgezelschappen zijn erbij die nog van een volle haardos genieten, echter het merendeel van onze atleten van weleer heeft meer haren op hun musculus gluteus als op hun harses – laat dat duidelijk zijn. De mannen met een volle haardos hebben qua haarlengte ingeboet – dat haar groeide in de jaren zeventig nog tot over hun schouders. De uitstraling van de voetballers in de jaren ’70 was een weerspiegeling van de tijd zelf: een periode van culturele veranderingen, met een sterke nadruk op brutaliteit, rebellie en een geweldige vorm van ongedwongenheid op en buiten het veld. Die lieten zich echt niet afbluffen. Ik herken dit eigenlijk ook wel binnen onze voetbalgezelschappen in de leeftijdsgroep van 65 tot 80 waarin voormalige voetbaliconen van SVV Scheveningen, DUNO, W.I.K., Duindorp sv, de Jagers, Texas, Holland Sport’32, Archipel, Tamuvona, Paraat, Juventas, Wit Blauw RK, SV Kijkduin, ESDO en SV’35 de voetbalschoenen nog steeds aantrekken. Maar dat terzijde. Vrijwel niets is meer te vergelijken met de Jacobse en van Es uitstraling van weleer. Alhoewel plat Haags – zonder gevloek gelukkig – vloeken niet toegestaan – wordt er nog steeds plat Haags gesproken.

Aangezien 98% van ons voetbalgezelschap van het pensioen en de AOW-uitkering geniet zijn het feitelijk ‘vrije jongens’ die in plaats van zich in illegale praktijken te begeven zich meerdere keren per week in het zweet trainen. Tegenwoordig arriveert men op de fiets of in een keurige auto, in de jaren zeventig arriveerde men op een Puch, Kreidler of een auto waarin men opviel – in die tijd werd ons straatbeeld nog wel eens op een Amerikaanse slee getrakteerd. Het was de tijd van de gouden kettingen, enorme ringen, leren jasjes en wijde spijkerbroeken. Voordat men het veld betrad werden de gouden kettingen en enorme ringen afgedaan en ingeleverd bij de elftalleider die zonder dat hij hier bij stilstond zomaar een enorme goudwaarde in zijn zakken meesjouwde – een soort van wandelende schatkist derhalve.

Het was in de tijd dat als het veld op zondag was afgekeurd men in de ochtend o.a. op het strand of op de speelweide in het Zuiderpark trainde en in de middag – als ADO thuis speelde – bij de ingang nabij het patattentje dankbaar gebruik maakte van het feit dat men tegen betaling van 2,50 gulden illegaal – probleemloos – het Zuiderpark stadion kon binnentreden en achter het doel kon plaatsnemen.

Onze walking football spelers betreffen mannen waarvan de bovenbenen en kuitpartijen in vergelijking met hun tijd dat zij in de selectie speelden minder in omvang zijn, echter de streken zijn nog niet verleerd. Dat zij tegenwoordig een warming-up volop balcontacten krijgen voorgeschoteld is toch altijd beter als in de tijd dat zij op doordeweekse avonden na het werk zich op de selectietraining meldden – in die tijd werd er best wel veel zonder bal getraind – zeg maar gedraafd. Ik heb een vermoeden dat een enkeling binnen ons gezelschap nog een trauma heeft van al dat geloop zonder bal. Het moge duidelijk zijn dat ik best wel in de smiezen heb welke van onze voetbalmannen liever lui dan moe zijn en mij tijdens de warming up het gevoel geven dat zij met een zware spierblessure het veld hebben betreden. Totdat het partijspel aanvangt, dan zijn er opeens geen blokkades meer en rent men erop los. Prima zo. Zaalvoetbal – daar heeft ons partijspel veel van weg en dat is maar goed ook. De meesten van ons houden niet van wandelen – geen enkel probleem – respect alom. Tijdens de inmiddels steeds vaker georganiseerde walking football toernooien wordt er overigens wel conform de daartoe bestemde spelregels gevoetbald. Toernooitjes waarin de meeste voetballers gewoon – evenals in de jaren zeventig – met afgezakte kousen spelen. Als je nu de schenen van deze voetballers bekijkt zie je nog steeds de witte putten die ooit als gevolg van het niet dragen van scheenbeschermers zijn veroorzaakt. Dat waren pijnlijke voltreffers als men bijvoorbeeld tijdens een ouderwetse sliding door een mee glijdende tegenstander werd geraakt.

Destijds was het dragen van scheendekkers nog niet verplicht, tegenwoordig wel – bij walking football dus niet. Het is wat mij betreft opvallend dat er in het reguliere hedendaagse voetbal met veel te kleine scheendekkers mag worden aangetreden – het volledige scheenbeen wordt hier niet mee afgeschermd – absoluut onhandig en risicovol. Over risico’s gesproken. Bij RAVA en VVP in het Zuiderpark stond de afrastering echt wel heel dicht op het veld. Wat te denken van de lange ijzeren schroefnoppen die met name voor de keepers extra lang werden aangeboden – die moest men echt niet in het bovenbeen krijgen. Of de stalen noppen welke beschadigd waren – waarmee men dus flink kon worden verminkt. Ik weet best wel dat de scheidsrechters de noppenpartij moesten controleren, echter de vraag is of bij het (lagere) amateurvoetbal e.e.a. werd of wordt gecontroleerd. Voorschriften inzake hoe te handelen tijdens dreigend onweer werden nauwelijks of niet toegepast. Een fles bier kon nog gewoon langs de lijn worden genuttigd, er mocht nog gewoon achter de afrastering worden gerookt. Over afrasteringen gesproken, in die tijd waren dat over het algemeen betonnen paaltjes die een paar meter uit elkaar stonden en door middel van een staaldraad welke door een daartoe bestemd uitgeboord gat op de kop van de paal van betonpaal naar betonpaal doorliep. Dat waren dus afrasteringen waar men net zo makkelijk overheen kon springen als dat men er onderdoor kon manoeuvreren.

Ik richt me even op 1975. 1975 het jaar dat FC Den Haag de KNVB beker – na een doelpunt van Henk van Leeuwen met 1-0 – ten koste van FC Twente – wist binnen te slepen. 1975 – in dat jaar waren de scheidsrechters nog geheel in het zwart gekleed, echter scheidsrechter Derks die destijds de bekerfinale van FC Den Haag floot hield er een nogal afwijkende stijl van scheidsrechters broekje op na – lekker strak dus. De meeste brildragende voetballers moesten het doen met een sportbrilletje of speelden gewoon nog met hun reguliere dagelijkse bril – ook dit ging met risico’s gepaard. 1975 – Duindorp sv bestond exact 25 jaar, verhuisde naar de huidige Houtrust locatie. 1975 – SOA en W.I.K. behaalden het kampioenschap in de zondag 1e klasse van de HVB en promoveerden naar de hoofdklasse. 1975 – de HVB werd onderscheiden met de sportprijs van de Gemeente ’s-Gravenhage. 1975 – het jaar waarin ADO 70 jaar bestond, waarin RVC, ESDO en DHL het 60-jarig jubileum vierde, waarin Spoorwijk het 50 jaar bestaan groots aanpakte, waarin Nootdorp en Hoekse Boys 25 jaar bestonden. 1975 – voor de Haagse jeugdselectie van 16 tot 19 jarigen werd een veelheid aan voor u bekenden geselecteerd, het betrof o.a.: Hans Galjé van DHL, Romeo Zondervan ADO (ooit begonnen bij Postalia), Henk van Dorp (RKAVV), Fred Goemans van ADO, Richard Derks van Quick, Karel Bouwens van VUC, Benno Ouwersloot van Concordia, Nol Halverhout van VELO, Lorié van Rijswijk en Rob Alkemade van VUC – dat waren dus niet de eerste de beste. 1975 – F.C. Zoetermeer, REMO en De Ster werden opgericht. 1975 – slechts RVC vertegenwoordigde Den Haag/Rijswijk in de Hoofdklasse KNVB – ‘s-Gravenzande SV speelde op het hoogste zaterdagniveau, destijds nog de 1e klasse KNVB. 1975 – Paraat degradeerde uit de zondag 4e klasse KNVB om vervolgens een jaar later terug te promoveren. Dat winnende doelpunt in een beslissingswedstrijd tegen Oliveo wordt nog wekelijks gevierd.

1975 – het betaalde jeugdelftal van ADO Den Haag vierde het kampioenschap in de 1e klasse en liet hiermee Ajax en Feyenoord achter zich. 1975 – Blauw Zwart vierde het kampioenschap in de zondag 2e klasse KNVB, terwijl Scheveningen en Naaldwijk uit deze afdeling degradeerden. 1975 – VUC vierde het kampioenschap in de zondag 1e klasse KNVB – promoveerde hiermee naar de Hoofdklasse. 1975 – de Postduiven en Spoorwijk vierden het kampioenschap in hun zondag 4e klasse KNVB afdelingen – promoveerden hiermee naar de 3e klasse van de KNVB. In 1975 verhuisde Westerkwartier van de Duinlaan naar de velden aan de Machiel Vrijenhoeklaan en beschikte daar over drie voetbalvelden met in de hoek van het multifunctionele sportcomplex een softbalveld. Het clubgebouw was tussen veld 1 en 2 gebouwd terwijl de kleedkamers langs het looppad ter hoogte van het clubhuis waren aangelegd. Kortom een prachtig complex waar de Westerkwartier-bestuurders een gouden toekomst voorzagen. 1975 – daar waar Die Haghe in 1949 op Ockenburgh terecht kwam daar vertrok men in 1957 naar de voetballocatie van VIOS – men keerde terug in

1975. In 1975 verhuisde Westlandia naar het sportpark De Hoge Bomen. Men beschikte aldaar over zes voetbalvelden en een ruime oefenstrook – in die periode de voetbalvereniging met de meeste velden in onze regio. De openingswedstrijd op 19 juli 1975 werd tegen de complete eerste selectie van Feyenoord met o.a. Willem van Hanegem gespeeld. De ploeg uit Rotterdam won destijds met 8 – 0. 1975 – Tonegido opende het fraaie clubhuis met op de 1e etage o.a. het bargebeuren. 1975 – het clubhuis van Voorburg werd geopend, tegenwoordig maakt Forum Sport gebruik van de voormalige Voorburg-opstal.

In 1975 was er nauwelijks sprake van een clubkostuum of trainingspakken voor de selectie-elftallen om in het weekend naar de voetbalvereniging toe te komen. Reisde men met de bus naar verre uitwedstrijden? Nauwelijks dus. Gewoon met de auto – men reed met elkaar mee. Desnoods in een veel te grote Amerikaanse slee waarmee men hoe dan ook een parkeerplaats – bij voorkeur zo dicht mogelijk of op het voetbalcomplex van de ‘tegenpartij’ – probeerde te bemachtigen.

Om vervolgens tijdens het uitstappen met de borst vooruit als het ware intimiderend over te komen. Ja dat waren best wel robuuste Haagse voetballers in die periode!

Rini Toet
20-01-2026

vaycasino giriÅŸpusulabet giriÅŸcasibom giriÅŸcasinolevantmarsbahis giriÅŸjojobet giriÅŸcasibom giriÅŸvaycasino giriÅŸcasibom giriÅŸ