Bij toeval viel mijn oog afgelopen week op clubposters waarmee SVV Scheveningen en RKAVV extra inkomsten voor de club trachten te genereren of hebben gegeneerd. Niks mis mee zou ik willen concluderen – ik vroeg mezelf – nieuwsgierig als ik ben – af hoe de diverse voetbalverenigingen in onze regio vanaf de jaren 70 extra inkomsten genereerden.

Op dat moment dat ik bovenstaande posters goed bekeek draaiden de raderen – hoe verkregen de diverse voetbalverenigingen extra clubinkomsten? Natuurlijk dacht ik direct aan de voetbaltoto, de lotto, kranten verzamelen en naar de lorrenboer of voddenboer ermee of via de oud papier container verzamelen waarna de container door de oud papier verzamelaar vanzelf een keertje werd/wordt geleegd, tombola’s, loterijen, het rad van fortuin, bingoavonden, kaartavonden, entreegelden, verkoop van allerlei artikelen met de clubnaam erin gegraveerd of erop bedrukt zoals voetbaldassen, speelkaarten, agenda’s, drinkbekers, wijnflessen, sleutelhangers, glazen, kopjes, speldjes, tegeltjes, ballpoints, potloden, flesopeners, minishirts voor in de auto welke door middel van een zuignap tegen de ruit konden worden bevestigd (met een beetje pech kostte het je autoruit), bierviltjes en ijsmutsen. Wat te denken van rommelmarkten, verhuur van het clubhuis/kantine voor bruiloften en partijen alsmede feestavonden, dansavonden, gala-avonden en carnavalsavonden – de vraag is of de plaatselijke middenstand hier blij van werd. Ik heb hier wel eens bezwaarstukken in de krant over gelezen, echter of het heeft geholpen is nog maar de vraag. Men kon het zo gek niet bedenken – men schoot inzake extra inkomsten alle kanten op. Oliebollenacties zult u absoluut herkennen, het verkopen van paasbroden of kerststollen was bijvoorbeeld bij vv Spoorwijk van toepassing, advertenties in clubbladen alsmede maandbladen, sponsorloopjes, reclameborden, club van 50 of 100 – hier en daar ook wel wall of fame wanden genoemd, modeshows, kaartavonden, pokeravonden, dartavonden, biljartcompetities, sponsoring wedstrijdballen, elftalsponsoring, clubsponsoring, zomerse kroegentoernooien waaraan de complete voetbalwereld meedeed en flink werd ingenomen, zomerkampen op de club zelf zoals bijvoorbeeld bij Kranenburg, veteranentoernooien, nederlaagseries, nachttoernooien bij o.a. DZS, recettes beslissingswedstrijden, oefenwedstrijden tegen ADO, Holland Sport of andere BVO’s, extra barinkomsten voor de clubs waar bijvoorbeeld de finales van de HC-Cup of beslissingswedstrijden werden gespeeld, verkoop jubileumboeken. Allemaal extra inkomsten. We zijn er nog niet.
De columns van Rini Toet worden mede mogelijk gemaakt door “BeDe Kamerverhuur”
Er zijn voetbalverenigingen waar bijvoorbeeld tijdens thuiswedstrijden van het vlaggenschip de zogenaamde blinde poule werd geïntroduceerd. Voorafgaande aan de wedstrijd kwam de clubvrijwilliger langs met een vooraf ingevulde uitslagenlijst inzake de betreffende wedstrijd. De uitslagen waren bedekt door middel van een extra strookje waarop deelnemers tegen betaling van een gulden hun naam konden invullen. Na de wedstrijd werden de strookjes als het ware geopend en kon de winnaar bekend worden gemaakt. Een deel van de opbrengst ging naar de winnaar, het resterende bedrag naar de clubkas. Dit was ook voor de zondagse lotto van toepassing. Men vulde drie nummers in de reeks van 1 t/m 15 in. Na invulling van een veelheid aan lottobriefjes werden – het vierogen principe werd toegepast – drie winnende getallen getrokken – mocht er geen winnaar zijn dan ging een deel van de pot naar de lotto-trekking die 1 of 2 weken later wederom werd georganiseerd. U kunt zich voorstellen dat in geval van een vol clubhuis de extra inkomsten aanzienlijk konden oplopen. Alles werd georganiseerd door echte clubvrijwilligers. Zonder vrijwilligers geen club, geen club zonder vrijwilligers!
Nog niet zo heel lang geleden kon men bij deze voetbalclub een soort van blinde poule briefjes aanschaffen – 1 euro per stuk. Bij een juiste ruststand en eindstand was men winnaar van een bepaald geldbedrag.

Voor de gemiddelde Bingoavond werden/worden veelal door clubleden met een eigen zaak allerlei prijzen aan de club aangeboden, hetzelfde is voor o.a. loterijen van toepassing. Ik ken vrijgevige ondernemers die in de loop der jaren voor minimaal 20.000 euro aan prijzen aan de club hebben aangeboden. Altijd handig toch!
Bij Juventas was er sprake van sponsorfeesten waarbij de diverse sponsors en de leden zelf door middel van het kopen van een toegangskaart de club financieel ondersteunden. Uiteraard moest nog wel even de DJ van dienst worden betaald, de overige inkomsten – barinkomsten uiteraard ook – eindigde in de clubkas. Bij Juventas is ooit een sponsoravond georganiseerd om een AID voor de club aan te schaffen – dit na een hartstilstand van één der leden op een feestavond. Er is die avond 1800 euro opgehaald, de AID kon worden aangeschaft – het resterende bedrag ging uiteraard in de clubkas. Ook bij Juventas werd door de jeugd een soort van wasstraat op het terrein opgebouwd. Tegen betaling konden auto’s worden gewassen. Alles werd georganiseerd door echte clubvrijwilligers.
Rondom de kerstdagen speelde voetbalvereniging TEDO jaarlijkse zaalvoetbaltoernooien in de Houtzagerij. Bij de moeder van Peter en Jimmy Charité kon in de sporthal voor 1 gulden een opgerold lot worden gekocht dat vooraf in een soort van prikbord was geprikt. Op elk lot stond een al dan niet winnend nummer – het nummer kon worden vergeleken met winnende nummers op een kartonnen plaat die voorafgaande aan de loterij aan de bar werd opgehangen. Zo had men kans op een zakje chips, echter een koffiezetapparaat of draagbare radio behoorden tot de meer aantrekkelijke (hoofd)prijzen. Dat het aan het eind van de dag kon voorkomen dat er nog een aantal onverkochte lootjes in het prikbord dreigden achter te blijven was geen probleem, er stond meestal wel iemand op die de complete handel voor bijvoorbeeld een geeltje (25 gulden) wenste op te kopen. Aan het eind van de rit kon gewoon weer een paar honderd gulden (een meier) in de jeugd-pot worden gedeponeerd. Alles werd georganiseerd door echte clubvrijwilligers.
Vanaf 1982 werd de shirtsponsoring bij de voetbalamateurs door de KNVB goedgekeurd, het betrof een periode waarin in kantines of clubhuizen steeds meer gokkasten en/of flipperkasten werden geplaatst. Na de introductie van de playbackshow van Hennie Huisman werd deze succesformule bij een veelheid aan voetbalclubs georganiseerd. Het inhuren van een DJ met de juiste apparatuur was destijds relatief goedkoop – bij een goed georganiseerde playbackshow waren hoge barinkomsten vanzelfsprekend – er moest immers voorafgaande aan het playbackoptreden flink worden ingenomen. Een extra loterijtje en de avond was compleet. Bij mini-playbackshows zal er naar alle waarschijnlijkheid minder verteerd zijn. Dit in tegenstelling tot karaokeavonden – reken maar dat er flink werd ingenomen. Feitelijk allemaal extra clubinkomsten dus.
Echt waar, alle registers zijn door de decennia heen opengetrokken. Tegenwoordig worden delen van het clubhuis vrijgegeven voor o.a. naschoolse opvang of vergaderingen. Wandelclubjes komen even langs voor een kopje koffie, walking voetballers trainen overdags, betalen uiteraard contributie en houden echt wel van een versnapering. Bij voetbalverenigingen zien we steeds meer Business-clubs, maken zogenaamde voetbal-academies tegen betaling gebruik van de betreffende accommodaties en moet je niet gek staan te kijken als een jeu de boules gezelschap nabij een voetbalveld een boule van een tegenstander tracht te tireren – een wijntje in het clubhuis zorgt voor extra inkomsten. Op diverse Haagse voetballocaties wordt door diverse scholen buiten gesport – wellicht handig de kantine gedurende en na het sporten open te houden – kan zomaar voor extra inkomsten zorgen.
Bij de hoger spelende amateurclubs moet uiteraard entreegeld worden betaald – altijd lekker voor de club. Dat er belasting over de entreeopbrengst moet worden afgedragen is duidelijk, echter ik vraag me oprecht af of alle entree-opbrengsten aan de betreffende belastingafdeling worden doorgegeven. Daarnaast is het aantal toeschouwers zienderogen afgenomen – zoveel entreetickets worden er echt niet meer verkocht.
Er zijn Haagse voetbalverenigingen die vanuit hun keuken op meerdere dagen in de week complete (afhaal)maaltijden bereiden en verkopen. De merchandise vrijwilligers bieden zowel online als bij de club allerlei clubartikelen aan en wat denkt u van de kiosk voor het SVV Scheveningen clubhuis – bij thuiswedstrijden van het eerste elftal staan de Scheveningen-vrijwilligers klaar om e.e.a. aan de man te brengen. En dan het zogenaamde minutenspel – tot twee jaar geleden was ik hiermee volledig onbekend. Het betreft een spel waarbij bijvoorbeeld per seizoen kan worden ingezet in welke minuut het eerste elftal tijdens thuiswedstrijden scoort. Mocht de winnende minuut zijn ingezet dan heeft u prijs.
Regelmatig verneem ik dat er volledige vrijdag of zaterdagavonden worden vrijgemaakt om een kennisquiz – bij voorkeur met kennis over uw eigen voetbalvereniging – te spelen. Altijd gezellig, het inschrijfgeld alsmede de bijbehorende versnaperingen spekken de clubkas. Natuurlijk moet er geld voor de bijbehorende prijzen worden vrijgemaakt, echter ook hier wordt vaak e.e.a. door clubleden of ondernemers gesponsord. Alles georganiseerd door echte clubvrijwilligers.
Bij Wanica Star zijn in de zomer van 2025 diverse festivals georganiseerd – dit zal de vereniging bepaald geen windeieren hebben gelegd vermoed ik zo.
De lijst aan extra clubinkomsten overwegende kom ik tot de conclusie dat grote sponsoracties, de barinkomsten, de grote clubactie en de voetbaltoto de voetbalverenigingen veel hebben gebracht. Van de geïnde contributie kunnen allerlei verenigingskosten inclusief de KNVB-verzekering worden bekostigd. Tegenwoordig kunnen allerlei subsidies het verenigingsleven – daar waar van toepassing – meer zorgeloos maken. Ik noem het voor het gemak maar even indirecte inkomsten. Neem bijvoorbeeld subsidies inzake de ‘Groene Club’ waarmee uiteindelijk de nodige stookkosten kunnen worden bespaard. Moet men binnen de vereniging wel iemand hebben die de weg weet en uiteindelijk – na plaatsing van bijvoorbeeld zonnepanelen, een warmtepomp en infrarood verwarming – de nodige energiekosten weet te besparen. Er zijn echter tevens subsidies met betrekking tot het samen ouder worden in Den Haag van toepassing. Heeft u binnen uw vereniging bijvoorbeeld een voetballend ouderengezelschap van boven de zestig jaar dan kunt u jaarlijks een subsidie van vijfhonderd euro aanvragen. Voor sommige (club)bijdragen kon en kan men nog steeds een beroep doen op fonds1818.
Oudere clubmensen zullen zich herinneren dat in de jaren zestig en zeventig in geheel Den Haag een veelheid aan voetbalclubhuizen en kleedlokalen is gebouwd. Dat de clubhuizen/kantines over het algemeen uit eigen middelen moesten worden opgehoest en de Gemeente Den Haag veelal de kleedgelegenheden e.d. in eigendom had zal voor vele oudgedienden niet nieuw zijn. Hierbij is het dan echter wel de vraag waar dat eigen geld vandaan is gekomen. Uiteraard van o.a. leden, donaties, loterijen en baromzet. Echter een belangrijke bron van inkomsten is, vanaf eind jaren vijftig, ongetwijfeld de introductie van de officiële voetbalpoule (de Toto) geweest. Leden van voetbalverenigingen konden vanaf dat moment uitslagen van wedstrijden voorspellen, waarbij het dan wel handig was dat vrijwilligers van diverse voetbalverenigingen een belangrijke rol in het aan de man brengen van voetbaltotoformulieren zouden hebben. Kortom, bij die verenigingen waar vrijwilligers opstonden die doordeweeks en men name op vrijdagavond voor hun club op pad gingen, daar kon met redelijke snelheid geld voor de club worden gegenereerd. Het gaf meer financiële armslag, immers veertig procent van de opbrengst was bestemd voor de club, de rest ging naar de voetbalbond die daarmee o.a. het prijzengeld uitkeerde. Destijds reden te meer om deze legale vorm van gokken met veel enthousiasme te begroeten. Veelal op vrijdagavonden werd de voetbalpoule met diverse rijtjes ingevuld. Rijtjes van 13 te voorspellen (winst, gelijkspel, verlies) wedstrijden waarmee gewonnen kon worden als men er 11, 12 of 13 goed had aangekruist. Er zijn verhalen bekend dat een lid van een voetbalvereniging elke vrijdagavond naar de kroeg nabij de markt aan het Hobbemaplein fietste om aldaar op verzoek van de dagomzet tellende en bier drinkende marktkooplui zelf voor die mensen een veelheid aan toto-formulieren in te vullen. Die marktkooplui waren destijds de moeilijkste niet met geld, echter degene die voor hun invulde had aan het eind van de avond kramp van het kruisjes zetten in de handen, polsen en armen. Bij diverse voetbalverenigingen beschikte men in die tijd naast een bestuur, jeugdbestuur, elftalcommissie, kascommissie, barcommissie en bouwcommissie tevens over een totocommissie. De bedoeling van de toto was van een speelronde van de Ere- en/of Eerste divisie alsmede Tweede divisie het resultaat te voorspellen. Jarenlang werden de toto-uitslagen op zondagmiddag (in die tijd speelden de BVO’s alleen op zondagmiddag) in het radioprogramma Langs de Lijn voorgelezen door ene Frits van Turenhout, die er zijn bijnaam ‘mister nul-nul’ aan over heeft gehouden. Ik kan me nog goed herinneren dat we bij ons thuis gezamenlijk het door Pa ingevulde formulier controleerden – dan kwam het wel eens voor dat de familie er elf goed had en men het geluk niet op kon. Helaas was het dan wel zo dat men niet de enige was die elf juiste voorspellingen had ingevuld, zeker als het vooraf vrijwel vanzelfsprekende uitslagen betrof. De gegenereerde toto- opbrengsten hebben er in die jaren toe bijgedragen dat er extra geld vrijkwam voor de bouw of uitbreiding van clubhuizen en andere grootschalige investeringen.
Op vrijdagavonden werden de ingevulde toto-formulieren door leden van de toto-commissie verwerkt. Dit betekende dat er werd gecontroleerd of er voldoende zegels opgeplakt waren, uiteraard werd de betaalde inzet geteld, zogenaamde vierkantstellingen werden opgemaakt – tot slot werd de complete toto-administratie op een groot formulier vermeld. Dit formulier werd samen met de deelnameformulieren nog op vrijdagavond ingeleverd bij de KNVB. Eerst op de Suezkade, daarna op de IJzerwerf. Van het omgezette bedrag werd een deel betaald aan de verenigingen. Hoe meer deelnameformulieren hoe meer inkomsten voor de club uiteraard.
Voetbalvereniging Spoorwijk behoorde tot de top tien in Den Haag als het gaat om toto-inkomsten en dat in een tijd met ruim honderd voetbalverenigingen in onze mooie voetbalstad. Een geweldige prestatie was dat waar veel leden, zonder het te weten, veel profijt van hebben gehad. Mooie tijden, die eindigden toen de toto en lotto volledig werden geautomatiseerd.
Op maandag 27 februari 1992 kwam een aanzienlijk aantal toto-vrijwilligers – op verzoek van de HVB – bijeen. Clubvrijwilligers die soms vanaf de eerste dag vele uren in het toto en lotto gebeuren voor hun club hadden gestoken. De online terminal was ingevoerd en daarmee was de verenigingen een aanzienlijke bron van inkomsten ontnomen. De formele papieren toto en lotto formulieren waren niet meer. Vijfendertig jaar hadden de clubs – maar ook de HVB zelf – afhankelijk van hun toto participatie van de provisie kunnen profiteren. En reken maar dat dit kon oplopen. Gelukkig was er nog een overgangsregeling – een soort van afvloeiingsregeling – van toepassing. Voor de voetbalclubs was het echter duidelijk dat de reguliere toto-inkomsten uiteindelijk zouden wegvallen. Er werden van het totogeld lichtinstallaties geplaatst, accommodaties verbetert of men kon zelfs overgaan tot het bouwen van clubhuizen – voor de bouw moest er wel geld uit de clubkas worden bijgelegd. Deze extra inkomsten waren er vanaf 1992 dus niet meer. Clubs moesten op zoek naar alternatieven. Is dit wellicht een reden waarom eind jaren negentig een veelheid aan clubs werd opgedoekt?
Compenseren dat had de KNVB moeten doen toen een veelheid aan zondagsclubs het afgelopen decennium met hun selectie op zaterdag moesten gaan voetballen – hetzelfde decennium waarin steeds meer voetbalverenigingen gesponsorde presentatiegidsen aan hun leden en bezoekers van het clubgebouw hebben aangeboden. Overigens, reken maar dat deze door de strot geduwde reorganisatie naar het zaterdagvoetbal negatieve invloed op de inkomsten heeft gehad.
Spoorwijk-icoon Ruud Meurer kan zich nog goed voor de geest halen hoe men vanaf ongeveer 1963 zogenaamde Spoorwijk-steunbonnen verkocht. De steunbonnen waren er alleen om te steunen, je kon er niets mee winnen – per bonnetje 0,10 cent. Een loterij was het niet, het was een strookje papier met de opdruk ‘steunbon H.V.V. Spoorwijk’. Ruud vraagt zich af of iemand nog zo’n steunbon thuis heeft liggen. In het Schilderswijk – waar veel Spoorwijk-leden woonden – maakte Ruud de minste kans om die steunbonnen aan de hand te doen – iedereen verkocht daar zijn of haar bonnen – vandaar dat hij die steunbonnen op het Hollands Spoor verkocht. Helemaal vrijblijvend was de verkoop niet want in het Spoorwijk-clubblad de Knikker werd vermeld wie nog geen setje had afgenomen alsmede de stand van wie de meeste steunbonnen verkocht had – degene die meeste steunbonnen had verkocht mocht een paar voetbalschoenen uitzoeken en werd door iedereen extra gewaardeerd en in het zonnetje gezet. Als jong ventje voelde je jezelf de koning te rijk als je in het verkoop-klassement in de kopgroep bivakkeerde. Dit fenomeen herken ik ook tijdens de jaarlijkse grote clubactie. Een fenomeen dat reeds sinds 1972 voor sport-, cultuur en hobbyverenigingen van toepassing is – ik wist echt niet dat deze loterij al meer dan 53 jaar bestond. Afhankelijk van het per vereniging aantal verkochte loten is de opbrengst altijd lekker meegenomen. Per lot gaat immers 80% naar de vereniging. Altijd fijn dus – bij vrijwel elke voetbalclub worden de topverkopers jaarlijks in de bloemetjes gezet.
Even terug naar voetbalvereniging Spoorwijk welke voornamelijk in de 4e klasse KNVB speelde en dus een veelheid aan Haagse derby’s heeft mogen spelen – altijd veel publiek tegen bijvoorbeeld volksbuurtverenigingen als ODB, Oranjeplein, RAVA, VVP, HMSH, VCS, BMT, W.I.K. enz. In de Spoorwijk-kantine werd destijds een draad met enveloppen met daarin o.a. winnende nummers gespannen.
Op het podium stonden de prijzen – met bijbehorende nummer – uitgestald. Een envelop kostte 1 gulden – er hingen er honderden op een rij. Een Oranjeplein supporter met een paar losse centjes liet alle enveloppen tellen – kocht alles in één keer op en won dus alle prijzen. Er werden in die tijd zelfs cassette bandjes verkocht met een liedje en de namen van het eerste elftal. Ruud Meurer is benieuwd of iemand hierin nog iets kan betekenen – heeft iemand toevallig nog zo’n cassettebandje thuis liggen?

De Mini-voetbalshow was een Nederlands televisieprogramma dat in de jaren zeventig en tachtig van de twintigste eeuw door de NCRV werd uitgezonden. Het betrof een jaarlijks terugkerende competitie tussen zaalvoetbalteams, met onder andere bekende ex-voetballers uit het Nederlandse betaald voetbal. Het tv-programma werd opgenomen in Sportpaleis Ahoy in Rotterdam en was in die tijd enorm populair bij vele Wikkers. Het toenmalige (jeugd)bestuur heeft het toentertijd voor een veelheid aan W.I.K.-jeugdspelers mogelijk gemaakt om per bus (touringcar) naar Ahoy af te reizen en aldaar onvergetelijke mini-voetbalmomenten te beleven. Een deel van de rekening werd o.a. vanuit het ‘krantenvouwen’ bekostigd. In die tijd hadden de marktkooplui van W.I.K. immers veel kranten nodig om hun groenten in te pakken. Destijds was er nog nauwelijks sprake van plastic verpakkingen en zeker niet op de Haagse markt. Binnen de vereniging werd bedacht dat oude kranten bij de club konden worden afgeleverd – dat een team van vrijwilligers wekelijks van de kranten een mooie rol verpakkingspapier zou fabriceren. Een rol kranten leverde in die tijd rondom rijksdaalder op, kortom een aardig alternatief om geld voor bijvoorbeeld de jeugd te genereren. Er zijn seizoenen geweest dat dit krantenvouwen circa vijfentwintighonderd gulden per seizoen opleverde. Het enige nadeel was dat de enthousiaste krantenvouwers zwarte vingers van de inkt hadden. Voordat de krantenrollen gereed waren voor transport werden de rollen per auto naar een kelder nabij de Haagse mark getransporteerd, aldaar opgeslagen, en vervolgens op marktdagen bij de marktkoopmensen afgeleverd. Op de markt werden bij de groente en fruitkraam de rollen uitgerold – zo kon eenvoudig een bestelling in de openliggende krant worden gedeponeerd en vanaf de punten worden gesloten. Kortom, nog een hele onderneming voordat het fruit of groente in het bewuste krantenpapier naar huis kon worden vervoerd. Alles georganiseerd door echte clubvrijwilligers.
Tot slot. Tijdens de Gemeenteraadsverkiezingen deze week dacht ik er goed aan te doen om bij SVV Scheveningen op mijn favoriete partij te stemmen. Kon dit jaar dus niet meer – in het verleden heb ik daar wel kunnen stemmen. Dit betekent dus dat een deel van het clubhuis door een schuifwand voor de mensen van de verkiezingsorganisatie werd afgescheiden en als stembureau functioneerde – de beschikbare ruimte werd tegen betaling verhuurd. Verhuurbedragen welke als extra inkomsten gezien kunnen worden. Wellicht iets voor andere voetbalverenigingen om uw kantine als stembureau in te richten. Met de frequentie waarmee er tegenwoordig gestemd dient te worden kan dit jaarlijks een extra pot geld voor de betreffende voetbalverenigingen opleveren.
Rini Toet
10-03-2026